Woningwet van 1901

De Bijlmer: hoogte- en dieptepunt van de woningwet van 1901

4111 Nood en honger in Drentse venen 1922In de 19de eeuw ontstond door de industriële revolutie grote woningnood in alle steden. Het verarmde plattelands trok als 3de wereld migrant naar de nieuwe paradijzen van welvaart om daar in erbarmelijke omstandigheden bij elkaar gehokt te worden. Geen toiletten, geen stromend water, geen gescheiden kamers, een bed voor het hele gezin. TBC werd een epidemische volksziekte. De woningnood werd bestreden door speculanten die in Amsterdam buiten de Stadhouders/Nassau/Mauritskade wijken als de Pijp optrokken. Woningen van 30/40 vierkante, twee stuks per etage. Ook de Jordaan, binnen de watergordel van de hoofdstad, werd er mee volgeplempt.

In het zog van de speculanten kwamen goedwillende dames en heren met een ruime portemonnaie, die een menswaardiger woning trachtten te bouwen. En tot leidde in 1901 tot de woningwet, waarbij het rijk renteloze leningen ging verstrekken aan iedere groep mensen, die betere woningen voor de arbeider wilde neer zetten, waar ze overigens in Engeland al veel eerder mee begonnen waren. Bijvoorbeeld in Rochdale, midden 1900. Natuurlijk kreeg niet iedere groep geld, je moest aan voorwaarden voldoen, wilde je een toegelaten instelling worden.

Er werden woningbouwverenigingen opgericht, de eerste in 1907 door Amsterdamse paardentrambestuurders, die hun club Rochdale noemden. Er kwamen er meer, veelal opgericht door bepaalde groepen arbeiders, bijna altijd van linkse huize. En dat lokte weer een reactie uit van de christen-burchten in de samenleving. De gereformeerde werkliedenvereniging Patimonium richtte een gelijknamige woningbouwvereniging op. De pastoors stimuleerden de oprichting van Dr. Schaepman, genoemd naar de belangrijkste voorman van de toen nog geknechte, katholieke bevolkingsgroep. Amsterdam telde algauw tientallen wbv’s en hun actieve, maar ook bemoeizuchtige steunpilaar bij de gemeente werd ambtenaar Keppler, baas woningdienst, in de rug gedekt door socialistische SDAP-wethouders als Wibaut en De Miranda.

bm - van deer pekstraat - 1920Met zijn allen vonden ze tussen 1910 en 1925 het arbeiderspaleis uit: blokken woningen vol niet te grote apparte-menten, 40-50m2, maar met toilet, stromend water en geen alkoof of bedstee meer, de onhygiënische, afgesloten en piepkleine slaapkamer. De vormgeving werd gedaan door linkse, moderne architecten als Van der Pek en Berlage. Het was allemaal nogal zeer sober en functionalistisch tot Michel de Klerk in de Spaarndammerbuurt het indertijd vermaledijde burgerlijke ornament tevoorschijn haalde en zijn inmiddels wijd en zijd befaamde Het Schip neerzette, met kleur, ornamenten en golvende baksteenwanden. De Amsterdamse School was geboren, en stierf toen hij te duur werd.

In de jaren 20-30 verschenen in Amsterdam noord ook de zogenaamde tuindorpen als Nieuwendam naar het idee van de Engelse stedenbouwkundige Ebenezer Howard. Met poorten afgesloten buurtjes: hoven en tuinen, en veel eengezins. De goede arbeiderswoning stond definitief op de kaart, gebouwd met geld van de overheid en beantwoordend aan steeds strengere regels van diezelfde overheid. De hoogte van de woning werd bepaald, de keuken moest afsluitbaar zijn en niet groot om te voorkomen dat mensen daar in de stank gingen wonen, de wc moest apart van de rest van het huis, enzoverder. Inmiddels was er evenwel; nog altijd weinig tot geen aandacht voor de huisvesting van de arme sloebers, die niet op de loonlijst van een fabriek of kantoor stonden. Zij bleven overgeleverd aan de grillen van de woningspeculant. Binnen de wbv’s was voor hen geen plek en ze waren evenmin in staat hun eigen wbv op te richten. De wbv’s noemden hen al in 1901 de ‘ontoelaatbaren’ ofwel ‘niet welkom in onze woning’. Vanaf de jaren ‘25 kakte de woningproductie van de wbv’s in. Er was minder woningnood, minder geld en de private ondernemers sloegen meer aan het bouwen. Allemaal redenen voor de overheid om de hand op de knip te houden.

bm - zonnenhuis amsterdam noordDe tweede wereldoorlog leverde een enorme hoeveelheid weggeschoten en vernielde woningen op, met relatief gesproken het hoogste percentage in Rotterdam. Gebouwd moest er worden en snel en goedkoop. De kas was leeg. De overheid trok al snel alle touwtjes naar zich toe. De huurprijs werd onderdeel van de geleide loonpolitiek. In het kort gezegd: hoe lager de huren, hoe minder looneisen, hoe lager het loon, hoe meer producten die door hun lage prijs geëxporteerd konden worden, hoe sneller de welvaart zou stijgen.

De wbv’s werden administratiekantoren van de overheid. Zij mochten de mensen plaatsen, de huizen onderhouden tegen door de overheid vastgestelde bedragen en de huur ophalen: de stedenbouwkundige plannen en de vormgeving van de huizen kwamen in handen van de gemeenten. Bovendien werden de gemeenten verantwoordelijk gesteld voor de leningen die de overheid aan de woningbouw verstrekte. Woningbouw werd een staats aangelegenheid met in Amsterdam machtige posities voor Stadsontwikkeling en de Woningdienst als gevolg.

bm---zuidwijk-rotterdamStadsontwikkeling werd de projectont-wikkelaar en stedenbouwer. Zij bepaalde waar en wat gebouwd werd. De Woningdienst leverde de archi-tecten. De Amsterdamse overheid bepaalde dat er bijna uitsluitend gebouwd moest worden voor de arbeider, want daar lag natuurlijk het belang van het altijd linkse gemeentebestuur. Het zou tot en met de bouw van de Bijlmer duren voordat men met dat uitgangspunt brak. In eerste instantie werd vooral gebouwd in Amsterdam West: Slotermeer, Slotervaart, het Overtoomse Veld, Geuzenveld en Osdorp. Later ook in Amsterdam Noord, onder meer Molenwijk en het Breed, ten oosten van Amstelveen: Buitenveldert. Het gebeurde allemaal op basis van een plan uit 1934/35, het Amsterdams Uitbreidings Plan, AUP, geschreven door Stadsontwikkeling onder leiding van Van Lohuizen en Van Eesteren. Laatste zou tot de jaren ’60 de baas van Stadsontwikkeling blijven. Van Eesteren streefde naar een functionele stad met in de buitenwijken veel groen en ruimte. Dat kwam er, net zoals grotere woningen. In west kregen gezinnen woningen van 60 tot 85 m2.

Het laatste kunstje van Stadsontwikkeling, gemeente en rijk zou de Bijlmer worden: de meest geavanceerde woningwetwoning van zijn tijd, met liften, overvloedig douchewater, stortkokers, gezinsappartementen van 96m3, en flatblokken in zeeën van ruimte, met de auto veilig in garages, daar naartoe geleid door verkeersveilige, halfhoge wegen. Veel van al het mooie dat bedacht was, sneuvelde op de financiële eisen van het rijk, die nogal hamerde op lage huren, en op het geldgebrek bij de wbv’s en de gemeente. En tegelijk bleven de huren stijgen. Het plan was voor de condities van die tijd domweg te duur.

Het beheer van de Bijlmer werd overgedragen aan de wbv’s, die eerst razend enthousiast waren over deze nieuwe stad van de toekomst, maar dat bekoelde snel, toen de Bijlmer een doorgangshuis en migrantenstad werd. De Bijlmer vrat hun geld op door alle kosten die ze moesten maken en die onvoldoende gedekt werden door de bedragen die ze uit de huur mochten besteden aan onderhoud en beheer. En uiteindelijk kwamen al die tekorten terecht bij de gemeente, die verantwoordelijk was voor terug betaling van de rijksleningen. Eind ’80 bedroeg het tekort van Nieuw Amsterdam, die inmiddels het bezit van de andere corporaties in de Bijlmer had overgenomen, zo’n 100 miljoen gulden en daar zou ieder jaar minstens 17 miljoen bij komen. De wbv was feitelijk failliet.

bm---h-buurt-2Het betekende de sloop van de oude Bijlmer. Er moest een rijkere bevolking naar toe en de te slopen huur-appartementen moesten vooral vervangen worden door koopwoningen, liefst eengezins. Hoe meer koop, hoe minder het financiële risico van wbv en gemeente. Inmiddels had het rijk ook ontdekt dat de volkshuisvesting eigenlijk niet meer centraal te financieren was. Alle leningen plus ook nog objectsubsidies drukten te zwaar op de begroting van het rijk en met de euro in aantocht, die een gezonde balans vereiste, werd rond de jaren ’90 besloten de wbv’s te verzelfstandigen. Het werden private ondernemingen met een publiek doel, die alle huizen die ze in beheer hadden als hun eigendom mochten beschouwen en in het vervolg nog nauwelijks gehinderd door het rijk voor projectontwikkelaar mochten spelen. Vele wbv’s werden er schatrijk van, want alle huizen, waarvan de leningen inmiddels afbetaald waren, vormden op de balans een reusachtig kapitaal, dat via verkoop verzilverd kon worden en ingezet als onderpand voor bankleningen.

Het luidde het einde in van de oude wbv. En was de bouw van de Bijlmer het hoogtepunt van de woningwetwoning, de sloop van de Bijlmer luidde de neergang van de invloed ter wbv-leden, zeg maar de burger in. Zij als dragers van de wbv-gedachte – bouwen voor jezelf, je collega’s, je vrienden en geloofsgenoten – en gezamenlijk ‘eigenaar’ van die wbv, dus bestuurder, werden van hun troon gestoten en gedevalueerd tot consument. En dat was natuurlijk een beweging die al meteen na de oorlog inzette, toen de overheid de wbv’s  steeds meer voor haar karretje spande. De woningwetwoning werd afgeschaft, maar als het om sociale huurwoningen gaat, bepaalt de overheid nog altijd de hoogte van de huur en bijvoorbeeld de hoogte van het huis.

bm - floris wibaut 2De krakkemikkige speculatiehuisjes in de Pijp en de Jordaan brengen in de verkoop gigantische bedragen op. West wordt inmiddels vooral gesloopt, de Bijlmer is voor de helft gesloopt. De ontoelaatbaren – de arme migranten van nu – wachten nog altijd aan de poort van de volkshuisvesting. Ze zijn overgeleverd aan huisjesmelkers, vaak landgenoten, die hun woningwetwoning per kamertje, per bed of stoel onderverhuren. Gelukkig zijn de hygiënische omstandigheden een stuk verbeterd.

Foto’s: van boven naar beneden: krot bij Assen in 1922; Van der Pekbuurt in Amsterdam noord; het Zonnenhuis in een tuindorp van Amsterdam noord;  Zuidwijk – een buurtje naast Pendrecht in Rotterdam zuid – genomen in 2012; H-buurt Bijlmermeer, 1969; standbeeld Floris Wibaut voor het Wibauthuis aan de Wibautstraat (het kantorencomplex, waarin ook Stadsontwikkeling huisde, is inmiddels gesloopt, en het beeld is verplaatst naar de brug bij de kruising Sarphatistraat / Wibautstraat ).

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: