Garages

Tot er geen garage over was

kleiburg garage 1990Een van de grote hoofdpijn-dossiers in het Bijlmer ontwerp zijn de garages, die er volgens het functionalisme voor moeten zorgen dat wonen niet met (snel)verkeer gemengd word. Ze moeten het woongebied schoon houden van het blik en de daarbij behorende onveiligheid, stank en andere overlast.

De garages zijn niet alleen opbergdoos van de auto’s en aanvoerhaven van goederen, maar ook het voorportaal van het gebouw. In het oorspronkelijk naar Zweeds voorbeeld gemodelleerde idee werden ze daarom voorzien van de brievenbussen, het bellenbord en het kantoor van de conciërge plus garagemeester. Er diende ook een opslagplaats te zijn voor elektronische lorries die bewoners konden gebruiken om zware spullen naar huis te vervoeren. Daarnaast werden een wasplaats en reparatieplek voor de auto ingetekend en hield men rekening met een benzinepomp, waarvan de winst naar het beheer van de garage moest gaan.

De bedoeling was ook, dat alle kosten van investeringen en exploitatie met de huur van de woningen verrekend werden. Het rijk geeft echter al in 1966 aan daarmee niet akkoord te gaan, zoals het ook al niet akkoord gaat met een conciërge. Het rijk is in beide gevallen bang, dat huren teveel zullen stijgen in relatie met het inkomen.

Uiteindelijk worden bouw en exploitatie van de garages de verantwoordelijkheid van de gemeente. Het directe gevolg daarvan is dat de garagehuur met minimaal 23 gulden per plek verhoogd wordt: het verschil tussen een goedkope rijkslening met een rente van 4% en de gewone banklening die de gemeente moet afsluiten tegen 8%. Gevolg is ook dat bijna alle bedachte extra voorzieningen zoals garagemeester worden afgeschaft. De garages worden uiteindelijk neergezet door Publieke Werken en dat gebeurt vanaf ’70 bij de eerste garages aan de Bijlmer- en Karspeldreef, geconstrueerd door civiel ingenieurs die zich niet bekommeren om de architectonische vorm. Het worden gigantische, betonnen opbergdozen in de meest lompe vorm. De huur wordt vastgesteld op 45 en later 28 gulden per maand, terwijl hij bij volledige bezetting van de garage 67 gulden hoog dient te zijn. Het enorme tekort wil men in de loop der jaren wegwerken door de huur langzaamaan te verhogen tot 77 gulden.

ganzenhoef-bijlmermeer-11-1 garage-Gooioord,-midden-'70Voor de bezetting van de garages wordt heel optimistisch rekening gehouden met 1,5 parkeerplek per woning inclusief bezoek, dat overigens al snel wordt verlaagd naar 1,34. De garages komen echter nooit meer dan voor een derde vol. Veel bewoners hebben domweg geen auto en vele winkels en voorzieningen, die onder de garages zijn gepland en waarvan de klanten ook moeten parkeren, worden nooit gebouwd. Alleen de later gebouwde en ‘mooiere’ garages bij de premiehuur hoogbouw als Nellestein en koopcomplexen als Gouden Leeuw worden goed bezet.

Parkeerhuur komt ook mondjesmaat binnen. Vanaf het begin verzetten boze bewoners zich met alle mogelijke middelen tegen het betalen van de huur, want in de stad Amsterdam is het parkeren nog altijd gratis. Slagbomen worden stuk gereden en later worden andere methoden om gelden te innen vakkundig onklaar gemaakt. Uiteindelijk wordt in 1983 het gebruik van de garage vrij gegeven. Wel zijn er inmiddels met gaas afgezette parkeerdelen en inpandige boxen waar men de auto veilig en tegen betaling kan weg zetten. Het parkeerverlies wordt een jaarlijks oplopend miljoenenbedrag, dat men later nog enigszins weet te temperen door in de garages allerhande bedrijfjes en migrantenkerken te vestigen. De zes garages aan de Daalwijkdreef worden er eind 20ste eeuw zelfs speciaal voor verbouwd en aangekleed.

De sombere en vuile garages met goederenliften die nooit functioneren, ontwikkelen zich ook tot holen van kleine criminaliteit rond auto diefstal en er scharrelen junkies rond, die het aantal auto-inbraken tot fenomenale hoogte weten op te schroeven. Andere dieven zetten auto’s op stenen. En in Gliphoeve worden de neuzen van auto’s gebruikt voor grove gokspelletjes met kaarten, het zogenaamd patatten, een geliefd tijdverdrijf voor jonge Suri’s. Misbruik vindt eveneens plaats door werknemers van de gemeentelijke parkeerdienst, die achter gelaten auto’s voor eigen gebruik naar hun garage-werkplaatsen slepen en er ook andere privé klussen uitvoeren.

Op termijn zullen bijna alle garages gesloopt worden, zelfs zij, die in eerste instantie tijdens de Bijlmer Vernieuwing gedeeltelijk werden gesloopt en gerenoveerd. Ze kosten in de praktijk teveel geld, zo oordeelt de gemeente.

Bovenste garage is die van Kleiburg, gekoppeld aan het verhoogde busplatform. Bij de entree van de garage zat een avondsuper. Foto 2 is gemaakt vanaf de Bijlmerdreef met uitzicht op garage Gliphoeve, daarvoor zien we beneden op het winkelcentrum Ganzenhoef de chinees. De laatste foto toont het dak van garage Gooioord, waar vakantie auto’s en caravans gestald konden worden.

%d bloggers liken dit: